Specialist in vochtrijke diervoeders

“Sinds ik Proti+ voer blijft de productie continu omhoog gaan”

01-10-20 |

Familie Bouma, Nijega

326 kg vet en eiwit per geit per jaar

Brede geiten & hoge voeropname zorgen bij Bouma voor 1.562 kg meetmelk per geit. Dat doe je niet zomaar na. Sterker nog, dat doet bijna niemand hen na, want familie Bouma staat in de top van Nederland. We gingen op onderzoek uit, hoe Anco, Germiena en Hidde dit voor elkaar krijgen.
Als je de stal in komt verraden de geiten het al. Het koppel glanzende, goedgevulde geiten doet zich te goed aan de graskuil vanaf de voerband. De voeropname is enorm. Bouma heeft dan ook flink ontwikkelde dieren met een enorme inhoud in zijn stal staan. Het resultaat van een aantal jaren fanatiek scoren op Triple-A, samen met Jurjen Groenveld.

Ruim 1 miljoen kg melk per jaar met 700 geiten
De cijfers die Anco op tafel legt zijn indrukwekkend. Terwijl de thermometer op dit moment bijna de 30 graden aantikt, halen de geiten nog steeds een eiwitgehalte van 3,55%. Het afgelopen jaar lag de productie gemiddeld op 1.479 kg melk per geit per jaar. Vanwege de hoge gehaltes van 4,36% vet en 3,60% eiwit geeft dit 1.562 kg meetmelk. Goed voor een voersaldo van maar liefst €816 per geit per jaar. En zo levert Bouma jaarlijks ruim een miljoen liter melk van zijn 700 geiten aan Henri Willig.

Eiwitrijke Proti+
Met de hand vult Anco de 2 voerbanden met kuilgras. “Het grote voordeel is dat ik exact zie wat ik voer. Als er een slechte plek in de vierkante baal zit haal ik dat eruit. Problemen met listeria zie ik hier dan eigenlijk nooit”, vertelt Anco enthousiast over zijn voerbanden, die hem ook nog eens flink wat ruimte in de stal opleveren. ’s Morgens krijgen de geiten Proti+. Maar liefst 0,7 kg werkt iedere geit dagelijks van dit eiwitrijke bijproduct naar binnen. “Sinds ik Proti+ voer blijft de productie continu omhoog gaan”, vertelt Anco, die dit product van Bonda in slurf opslaat. Als de Proti+ op is, draait Anco de voerband weer leeg en komt er graskuil op. ‘s Ochtends voor het melken komt er natriumbicarbonaat over het laatste gras heen. De geiten zijn er gek op, na het melken is al het gras weer op. Al zijn gras koopt Bouma aan, bij melkveehouders uit de buurt. Hij voert 4 balen tegelijkertijd, zodat de geiten jaarrond een constant rantsoen krijgen.

Individueel voeren
23 krachtvoerboxen staan strategisch op 4 plekken in de stal opgesteld. Dagelijks halen de geiten hier zelf hun krachtvoer op, naast de 0,4 kg in de melkstal. Goede instellingen en controle van het voersysteem zijn een belangrijke voorwaarde voor het behalen van een topproductie. 50 dagen voor het aflammeren gaan de geiten droog en krijgen weinig brok meer. 30 dagen voor het lammeren bouwt Anco het krachtvoer weer op. Na het aflammeren krijgen de geiten vetverhogende brok en gaan later over op de melkvoertabel. Jaarlingen komen al voor het lammeren stage lopen, zodat ze de voerboxen goed kennen. Ook hier komt de typische rust en regelmaat van Bouma weer naar voren. “We hebben het afgelopen jaar eigenlijk niets ingrijpends aan het rantsoen verandert”, constateert Anco. Snel doorschuiven is belangrijk, overbezetting is echt funest

Rust in de stallen
Anco en Germiena zitten middenin een forse verbouwing van hun huis. Ondanks een erf vol bouwmaterialen en werklui heerst er een enorme rust in de stallen. Alles is schoon, ruim en ondanks de warmte is het klimaat in de stal prettig. Het geïsoleerde dak zorgt dat de geiten koel liggen, de ventilatoren regelen de luchtverversing. Datzelfde zie je terug in de lammerenstal. De jongste lammeren liggen er als prinsessen bij op de high welfare floor met vlas. Deze dichte, geïsoleerde stal voor de jongste lammeren heeft plafondventilatie. Deze variant van onderdruk heeft over de hele stal kleine gaatjes in het plafond, waardoor de lucht heel gecontroleerd naar binnen komt. Een loopdeur in de grote deur zet de puntjes op de i, en zorg voor een minimale luchtstroom als de deur opengaat. Lammeren blijven de eerste 4 weken in deze stal, waar ze Geitenmelkpoeder Rendement en GoatStart Tasty Wean krijgen. “Snel doorschuiven is belangrijk, overbezetting is echt funest”, is de ervaring van Bouma, die de lammeren daarom op 4 weken naar de andere lammerenstal verhuist. Op advies van Elroy Vlemminx van Exlan Advies is deze zo gebouwd dat de kant van het open land hoger is dan de kant op het erf. De wind komt gecontroleerd via de zijgevel naar binnen en Bouma stuurt op basis van de temperatuur en de luchtvochtigheid in de stal.

Bokken verkopen
Tussendoor gaat de telefoon van Anco. Of hij nog bokken beschikbaar heeft. Met deze hoge productie en de enorme ontwikkeling in zijn dieren, is Anco een geliefd adres voor een goede bok. Hij brengt ze dan ook door heel Nederland heen. Helaas droegen de geïnsemineerde geiten dit jaar slecht. Hopelijk kan Bouma volgend jaar ook weer dieren aan de KI leveren. Het vervangingspercentage ligt met 24% uitzonderlijk laag. Een kwart van zijn geiten is 4 jaar en ouder. De meest geiten lammeren maar een keer, maar 14% van zijn dieren heeft vaker gelammerd. Bouma is dan ook een fanatieke duurmelker, afgelopen zijn er bijvoorbeeld maar 40 oudere geiten gedekt.   

Eigen lijn
“Gera regelt het voer, Jurjen doet de fokkerij en ik voer het uit”, zegt Anco met een glimlach. “Anco weet heel goed wat hij wil en heeft een duidelijke visie. Door zijn stabiliteit en rust houdt Anco zijn lijn vast. Samen bespreken we de zaken rond voer, management en andere lopende zaken. En je weet: wat Anco zegt en we samen bespreken dat doet hij vervolgens ook”, vult zijn vaste voeradviseur Gera Uittenbogaard van Agrifirm aan. “Een prettige samenwerking”, vindt ook Bouma zelf, die het werk doet samen met zijn vrouw Germiena en opvolger Hidde. Wekelijks ontvangt Germiena daarnaast 6 kinderen die 3 dagen in de meedraaien op de boerderij en in het gezin. En zo profiteren niet alleen de geiten, maar ook deze kinderen van de rust en stabiliteit van dit Friese, gastvrije ondernemersgezin.


Familie Bouma, Nijega
700 geiten, 170 lammeren
1.479 kg melk, 326 kg vet en eiwit per geit per jaar

 

Tekst: Sanne van Raalte
Foto’s: Albert Brunsting